Logo

Arbeidsdeskundig Advies

Re-Integratie (IRO)

Jobcoaching

Foto

Wilhelminastraat 41blabla4564 AD, Sint JansteenblablaTelefoon: 06-33587407
   
   
 

Home

   
 

Arbeidsdeskundig Advies

   
  Re-Integratie (IRO)
   
  Jobcoaching
   
  Contact
   
   
   
 
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   

Arbeidsdeskundig Advies

Herplaatsingsonderzoek

In het kader van de Wet Verbetering Poortwachter kan het van belang zijn na een  periode van ziekte van een werknemer, vast te stellen in hoeverre er nog mogelijkheden zijn om terug te keren in het werk.

De bedrijfsarts is leidend in het kader van het vaststellen van functionele mogelijkheden.

Op basis van deze vastgestelde functionele mogelijkheden en arbeidsdeskundig onderzoek, doet de arbeidsdeskundige een uitspraak over belasting/belastbaarheid in relatie tot arbeid.

De Wet Verbetering Poortwachter eist van de werkgever dat hij de re-integratiemogelijkheden van de verzuimende werknemer onderzoekt en uitvoering geeft aan de re-integratie (inspanningsverplichting). De werknemer is verplicht zijn medewerking daaraan te verlenen.
Als er twijfel is over de re-integratiemogelijkheden van de verzuimende werknemer kan een onafhankelijk arbeidsdeskundig onderzoek uitsluitsel geven.

Dit kan al na enkele weken verzuim zijn. Hoe eerder duidelijk is welke mogelijkheden een werknemer heeft om te werken, hoe eerder ook de juiste stappen kunnen worden gezet om ervoor te zorgen dat de werknemer weer aan het werk kan.

Veelal wordt een arbeidsdeskundig onderzoek in ieder geval aan het eind van het eerste ziektejaar verricht.                                                                                                                           Een arbeidsdeskundig onderzoek bestaat uit een gesprek met de verzuimende werknemer, een gesprek met de werkgever (P&O en/of leidinggevende), indien nodig een bezoek aan de werkplek, een functie-analyse van het eigen werk en/of ander werk bij de eigen werkgever, overleg met de bedrijfsarts en indien nodig met andere deskundigen.

De functionele mogelijkheden zoals die zijn opgesteld door de bedrijfsarts, zijn de basis voor het onderzoek.

Conclusies uit het onderzoek kunnen zijn:

  • De werknemer kan naar zijn eigen werk terugkeren. Wellicht moet het werk of de werkplek daarvoor worden aangepast.
  • De werknemer kan niet naar zijn eigen werk terug, maar wel ander werk doen bij zijn eigen werkgever, eventueel met aanpassingen. Het zogenaamde 1e spoor.
  • De werknemer kan niet meer terugkeren naar zijn eigen werk of naar ander werk bij de eigen werkgever. Er moet worden gezocht naar ander werk bij een andere werkgever. Het zogenaamde 2e spoor.

 

Arbeidsdiagnose

 

ReAnDer kan ingezet worden bij het, in kaart brengen van arbeidscapaciteiten van een (potentiële) werknemer of leerling en een eisenprofiel van een functie.

Er wordt hierbij gebruik gemaakt van de MELBA systematiek.

MELBA is een instrument dat in Duitsland door de vakgroep arbeidspsychologie van de universiteit van Siegen is ontwikkeld, in opdracht van het ministerie van Arbeid.

Sinds 2001 wordt MELBA succesvol toegepast in Nederland. MELBA kan aanvullend gebruikt worden op een FML, zoals die door een bedrijfs- of verzekeringsarts wordt opgesteld.

 

Voor wie:

  • Mensen met een laag opleidingsniveau tot VMBO niveau 1 en 2.
  • Mensen met een arbeidshandicap met een WAJONG of WAO/WIA uitkering.
  • Mensen met tijdelijk minder arbeidsmogelijkheden, bijvoorbeeld als gevolg van psychische problemen.
  • Mensen die re-integreren na ziekte.
  • Leerlingen van speciaal onderwijs en praktijkscholen die aansluiting zoeken op de arbeidsmarkt.

Hoe:

Er wordt een capaciteitenprofiel van de kandidaat gemaakt. Er wordt in kaart gebracht wat diens sterke en/of zwakke kanten in de wijze van werkuitvoering zijn.

Er wordt een eisenprofiel van een toekomstige stage/werkplek gemaakt. Er wordt in kaart gebracht wat de voorwaarden zijn voor de wijze van werkuitvoering waaraan iemand moet voldoen in deze functie.

 

Als profielvergelijkingssysteem maakt MELBA het o.a mogelijk om:

  • te onderzoeken of een bepaalde functie voor een bepaalde persoon geschikt is.
  • taken of functies te selecteren die afgestemd zijn op de mogelijkheden van de persoon.
  • te concretiseren waardoor bij het uitvoeren van een functie of taken problemen (kunnen) ontstaan.
  • gerichte plaatsingsmaatregelen aan te geven, bijv. waar begeleiding bij nodig is, waar scholing gewenst is, waar werkplekaanpassing of verandering van functie nodig is.

Criteria:

Zowel arbeidscapaciteiten als functie-eisen worden beoordeeld op 29 eenduidige sleutelkwalificaties die

onderverdeeld zijn in 5 hoofdgroepen:

  • COGNITIEF
    Werkplanning, bevattingsvermogen, oplettendheid, concentratievermogen, leren / onthouden,voorstellingsvermogen, probleemoplossing, omschakelen.
  • SOCIAAL
    Doorzettingsvermogen, leiderskwaliteit, contactvaardigheid, kritisch beoordelen, ontvangen van kritiek,
    teamwork.
  • WERKUITVOERING
    Uithoudingsvermogen, kritische controle, frustratietolerantie, ordenend vermogen, stiptheid, zelfstandigheid, zorgvuldigheid en verantwoording.
  • COMMUNICATIE
    Lezen, rekenen, schrijven en spreken.
  • PSYCHOMOTORISCH
    Energetische inzet, fijne motoriek, reactiesnelheid.

Voor meer informatie zie www.melba.nl

Loonwaardebepaling

 

In het werkveld van gesubsidieerde arbeid kan de loonwaarde van een werknemer een onderwerp van discussie te zijn. Dit hoeft niet.

Loonwaarde kan worden geobjectiveerd met Atlandernorm.

 

Hoe:

Atlandernorm is een objectief meetinstrument voor loonwaardebepaling. Het wordt uitgevoerd op de concrete en gerelateerd aan de uit te voeren werkzaamheden.

De Atlandernorm meet specifiek de match tussen de mens en zijn werkzaamheden en bepaalt het daaraan gerelateerde ‘loonwaardedeel’ dat recht doet aan de feitelijke inbreng van een medewerker in een bedrijf.

 

Toegevoegde waarde:

  • Borgen van passendheid: de arbeidsinpassing is passend omdat precies gemeten is ‘wat kan, wat te ontwikkelen is en wat niet kan’.

  • Coachbare capaciteiten zichtbaar maken.
  • Objectieve onderbouwing richting opdrachtgever.
  • Commitment: werkgever en werknemer weten waarom en wat de hoogte van het subsidiebedrag is en welke prestatie geleverd moet worden.

Wie:

Atlandernorm kan worden ingezet bij het onderbouwen en bepalen van loondispensatie (UWV) of subsidieverstrekking door Gemeenten in het kader van de WWB.

 

Voor meer informatie zie www.atlandernorm.nl